Skip to main content

Instellingen voor het versturen van e-mails

Voor de instellingen voor het versturen van e-mails via je eigen mailserver ga je naar Instellingen > Functionele instellingen > E-mailmodule.

TOPdesk SaaS gebruikt standaard een TOPdesk SaaS-mailserver. Als je wilt, kun je in plaats daarvan gebruik maken van je eigen mailserver. Zet een vinkje bij Een aangepaste mailserver gebruiken en vul de volgende instellingen in:

Blok Mailserver

Stel eerst het soort verbinding in door te kiezen tussen Basisverificatie of Microsoft Graph met OAuth 2.0. Dit bepaalt welke velden worden weergegeven in het pop-upvenster Serververbinding bewerken.

Voor Standaardverificatie:

  • Uitgaande server (SMTP) en Poort: het IP-adres en poortnummer van de mailserver.

  • Gebruikersnaam en Wachtwoord: de gebruikersnaam en het wachtwoord voor de mailserver, indien nodig.

Voor Microsoft Graph met OAuth 2.0:

  • Application (client) ID.

  • Directory (tenant) ID.

  • Clientgeheim.

Tip

Meer details over het instellen van de mailserverinstellingen in Azure en het vinden van de ID's en het clientgeheim voor Microsoft Graph vind je in kennisitem KI 15561 op My TOPdesk.

Verzenden van grote bijlagen in e-mails met Microsoft Graph

Om het verzenden van e-mails die groter zijn dan 3 MB toe te staan, moet je de toestemming Mail.ReadWrite toekennen. Dit is in aanvulling op het recht Mail.Send dat nodig is (in kennisitem KI 15561 op My TOPdesk).

Klik op Toepassen nadat je de velden van het pop-upmenu hebt ingevuld. Vul daarna de overige velden in als je voor Standaardverificatie kiest.

  • Tekenset: de tekenset die wordt gebruikt bij het aanmaken van e-mails.

  • Encryptie: Maak een keuze uit Platte tekst, TLS of SSL encryptie. Certificaten voor SSL kunnen worden geüpload via Functionele instellingen > Certificaten.

Opmerking

Deze instellingen zijn van invloed op e-mails die worden verzonden vanuit TOPdesk.

Blok Algemene mailinstellingen
  • Standaard e-mailadres van de afzender: Vul een standaard e-mailadres in voor de afzender van de e-mail. Wanneer in de instellingen van een e-mail geen specifieke afzender wordt ingevoerd, wordt meestal het e-mailadres van de aangemelde gebruiker gebruikt als afzender van een e-mail. De Standaard e-mail van de afzender wordt gebruikt voor automatisch verzonden e-mails waarbij er geen aangemelde gebruiker is, of wanneer het e-mailadres van de aangemelde gebruiker onbekend is en er geen andere afzender is opgegeven in de e-mailinstellingen. Dit betreft ook e-mails die zijn verzonden via de e-mail-API of Middelenacties.

Blok Restrictie
  • Toegestane domeinen: Welke domeinen zijn toegestaan. E-mails worden naar e-mailadressen gestuurd die voldoen aan de door jouw ingevulde domeinextensie (achtervoegsel). Gebruik ”voorbeeld.com, test.com" om alleen e-mails naar de adressen @voorbeeld.com en @test.com toe te staan. Voer een sterretje ( * ) in om alle e-mail toe te staan, en voer een koppelteken ( - ) in om alle uitgaande e-mail te weigeren.

  • Doorgestuurd naar: De doorstuurlocatie voor niet-verzonden e-mails (wanneer het domein niet in het veld Toegestane domeinen staat vermeld). Voer een koppelteken ( - ) in of laat het veld leeg om niks door te sturen.